Trainingsschema, trainingstempo en andere trainingsinfo.

Vóór de eerste training van het kwartaal wordt het trainingsschema op de site geplaatst. Wil je dat schema zelf bewerken kies dan voor de knop Trainingsschema.xls.

Uitleg gebruikte termen en codes in het trainingsschema.

  • Tempo. Het moeilijkste onderdeel van de hardlooptrainingen. Het door de trainer geadviseerde tempo wordt in het trainingsschema aangegeven met een percentage van jouw (recent gemeten) maximaal-prestatie, of met de code DL1, DL2 of DL3, zie uitleg hieronder. Je kan de zgn Coopertest gebruiken voor het vaststellen van je maximaal-prestatie, maar daar zijn onze trainers inmiddels vanaf gestapt; te ingewikkeld. Momenteel wordt het percentage van jouw allersnelste 1000 meter tijd in het schema bedoeld. Je zal nooit een percentage boven de 100 aantreffen, want dat is bestemd voor aanvulling van de blessurepoule.

  • Coopertest. Tijdens deze exact 12 minuten durende maximaaltest probeer je een zo groot mogelijke afstand af te leggen. M.b.v. die afgelegde afstand bereken je zelf jouw gemiddelde tijd per km (m.b.v. Tempoberekening.xls hiernaast) en die tijd is jouw 100% tempo-tijd. Vb.: je loopt 3000 meter in 12 minuten, dan is jouw 100% tempo exact 4 minuten. Deze test doe je pas als je voldoende loopervaring hebt en weet hoe je jouw energie optimaal moet verdelen. Een aantal keren per jaar wordt er tijdens de reguliere trainingen ook een Coopertest georganiseerd. Let op: Dit percentage wordt dus niet meer in het trainingsschema gebruikt!

  • A = De snelste lopers. Zij kunnen de 10 km in 40 minuten afleggen.
  • B = De middengroep. Kunnen de 10 km binnen het uur lopen.
  • C = Iedereen die op dit moment nog geen 10 km binnen het uur kan lopen, dus ook lopers die net een blessure achter de rug hebben.

  • DL1 = Het langzaamste duurlooptempo. Tijdens de gehele loop moet je relaxed met je loopmaatje(s) kunnen babbelen.
  • DL2 = In dit wat snellere duurlooptempo moet je ook nog met je maatje kunnen praten maar dan in steno.
  • DL3 = Dit tempo komt al aardig in de buurt van je wedstrijdtempo. Als je nog een gesprek kan voeren dan ga je echt te langzaam.

  • Extensief = In dit traininstempo moet je nog met je maatje kunnen praten.
  • Intensief = In dit trainingstempo moet je ook nog met je maatje kunnen praten maar dan in steno.

  • P = Pauze. Nee géén koffie, maar stukje wandelen en/of dribbelen en weer door met de oefeningen.
  • SP = SeriePauze. De training is vaak opgebouwd uit 3 of meer blokken. Na elk blok is er een seriepauze met wandel en/of dribbel die meestal wat langer duurt dan de (P)auze.

© 2015 ARO'88